
TNO: Zonder robotisering gaat de maakindustrie onderuit
De maakindustrie produceert te weinig, en daar kan alleen vérgaande robotisering iets aan doen. Dat stelt TNO in een rapport, dat het gisteren in de fabriekshal van automatiseringsbedrijf AWL presenteerde.
In het Experience Center van automatiseringsbedrijf ALW staan twee machines in een glazen hok. De ene pakt met zijn automatische grijparmen dozen van de band en zet deze op een plateau, waarna de andere er met zijn grijparmen keurige stapels van maakt. Die worden vervolgens omgekieperd om het kunstje steeds opnieuw te herhalen.
‘Vorige week stond deze demo-opstelling nog op een beurs in Stuttgart’, zegt Brand van ‘t Hof, voormalig directeur en nu senior adviseur van AWL. Camera’s registreren de positie van de dozen, en dankzij slimme programma’s, ondersteund door AI, weten de machines wat ermee te doen.
Rapport
AWL maakt gerobotiseerde oplossingen voor met name de auto-industrie, metaalbewerking en intralogistiek, en is dus de perfecte plek voor de presentatie van het rapport van TNO over rol die robotisering speelt in de toekomst van de maakindustrie.
Zonder robotisering heeft Nederland over tien jaar geen eigen maakindustrie meer, is de dreigende stelling waarmee deze presentatie begint. De concurrentie uit met name Azië is namelijk groot, en zonder robotisering is de productiesnelheid te laag om die bij te houden. Om de concurrentiepositie te herstellen, moet de productiviteit van de Nederlandse maakindustrie de komende jaren minimaal 50 procent groeien, stelt TNO.
Dat is belangrijk, zegt Claire Stolwijk, hoofdconsultant strategie en beleid bij TNO, want de maakindustrie is goed voor 7 procent van het Nederlandse BBP en levert dus verdienvermogen op. Nederland is goed in het bedenken van mooie innovaties, maar voor de productie ervan gaan bedrijven te vaak naar het buitenland.
De sombere prognoses, verwijzend naar het rapport van Mario Draghi over Europa en het rapport van Peter Wennink over Nederland, klinken bekend – bijvoorbeeld uit vergelijkbare analyses voor de Nederlandse dan wel Europese high-techsector en digitaliseringsopgave.
Aantallen
Nederlandse maakbedrijven gebruiken 264 robots per tienduizend werknemers, vertelt Mark Courage, directeur smart industry bij TNO, en staat daarmee wereldwijd op de twaalfde plek. In Zuid-Korea zijn het meer dan duizend, in China, Duitsland en Japan tussen vierhonderd en vijfhonderd robots per tienduizend werknemers.
TNO pleit daarom voor een nationale robotiseringsagenda. Het beleid is momenteel te versnipperd, er is behoefte aan centrale regie, schrijft het kennisinstituut.
‘We moeten ophouden allemaal het wiel opnieuw uit te vinden’, zegt Courage, ‘we kunnen beter samenwerken en er een fiets van maken. En dan nog het liefst een racefiets.’ Standaardisering is één van de dingen die daarvoor nodig zijn. Dan zijn machines bruikbaar voor meerdere partijen.
Onderwijs
Op dit moment zit de vaart er nog niet echt in. Van de automatiseringsmachines die AWL maakt, blijft nog geen 5 procent in Nederland, vertelt Van ’t Hof. De oplossingen moeten gezocht worden in meer bewustwording en kennisdeling, maar ook in het opleiden van mensen die robots kunnen maken en bedienen, zegt hij. Het bedrijf focust dan ook niet alleen op het produceren van machines, maar ook op leren, innoveren en valideren. Het heeft sterke banden met onderwijsinstellingen als Windesheim Zwolle en innovatiecentrum Perron 038, waar bedrijven en studenten samenwerken.
Jan de Vries, experience center coordinator bij AWL, geeft bij Windesheim de minor ‘Fabriek van de Toekomst’, en AWL zelf verzorgt een opleidingsprogramma ‘Robotprogrammeur in 100 dagen’.
‘Kijk’, zegt De Vries. ‘Deze robot heeft een MBO-student bij ons geprogrammeerd.’ De machine speelt vier-op-een-rij, en duwt daarvoor nauwkeurig de schijfjes in de juiste openingen, terwijl de gebruiker switcht van speler 1 naar speler 2. Dat is knap gedaan, al is het spel zelf niet bijzonder spannend: terwijl speler 1 een verticale rij van vier stenen bouwt, plaatst speler 2 zijn stenen daar tamelijk willekeurig omheen. Speler 1 wint met gemak.
Nu de Nederlandse maakindustrie nog.

Openingsbeeld: TNO






