
'Versterk Huis van Thorbecke voor digitaal tijdperk'
Hoe kan de digitalisering efficiënter en effectiever worden aangepakt, zonder dat onze grondrechten erdoor worden geschaad? Expert digitale overheid Johan de Jong heeft een idee.
Op 3 februari 2026 kwamen deskundigen op het gebied van digitalisering naar Den Haag, met als doel de Commissie voor Digitalisering van de Eerste Kamer bij te praten over de koers van de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS) – het fundament van het Nederlandse regeringsbeleid op het gebied van digitalisering. De NDS moet voorzien in een centrale regie van de digitalisering in Nederland door onderwerpen te prioriteren en door te sturen op het realiseren van doorbraken en het wegnemen van belemmeringen.
Maar hoe kan de digitalisering in Nederland efficiënter en effectiever worden aangepakt, zonder dat de technologische vooruitgang ten koste gaat van grondrechten zoals het recht op privacy? Wat zijn daarbij de voorwaarden, knelpunten en risico’s? Dat waren de vragen waar het begin februari om draaide.
De experts waren afkomstig uit de wetenschap of werkzaam bij uitvoerings- of belangenorganisaties. Eén conclusie over de NDS werd door al deze deskundigen gedeeld: de ambities zijn er, maar de uitvoering stokt. Standaardisatie, regie en gegevensdeling blijven knelpunten.
Vooral de samenwerking tussen bestuurslagen en uitvoeringsorganisaties schiet tekort. Wat ontbreekt, is een gezamenlijke stip aan de horizon: één manier van digitaal samenwerken en standaardiseren.
Stel je een overheid waar je niet hoeft aan te vragen wat je toekomt, maar die automatisch verstrekt waarop je op dat moment recht hebt
Ons bestuurlijke stelsel vindt zijn oorsprong in 1848. Het huis van Thorbecke bracht heldere verantwoordelijkheden en een scheiding der machten. Die structuur vormt nog altijd het fundament van onze overheid. Maar toen het huis van Thorbecke het digitale tijdperk inging, leidde deze structuur tot versnippering: iedere organisatie bouwde eigen systemen, loketten en processen.
Die institutionele logica belemmert inmiddels de noodzakelijke samenwerking over grenzen heen. Om de doelen van de Nederlandse Digitaliseringsstrategie te realiseren, hoeft het huis van Thorbecke niet te worden afgebroken. Wel moet het digitale fundament eronder worden vernieuwd.
Dat is nu een afspiegeling van de organisatiestructuur: verkokerd en procesgedreven. Burgers leven niet in organisaties. Burgers leven in gebeurtenissen, zoals geboorte, studie, werk, ziekte en pensionering. Toch is de digitale overheid nog steeds ingericht rond interne processen en afzonderlijke loketten. Burgers worden zo gedwongen te schakelen tussen systemen die elkaar niet vanzelfsprekend begrijpen.
Wat we nodig hebben, is een fundamentele digitale herordening: een samenhangende digitale infrastructuur als nieuw fundament. Stel je een overheid voor die dienstverlening organiseert rond levensgebeurtenissen. Waar je niet aanvraagt wat je al toekomt, maar automatisch ontvangt waarop je op dat moment recht hebt.
Dat vergt een gestandaardiseerd digitaal fundament waarin gegevens, regels en uitvoering principieel zijn gescheiden. Gegevens zijn herbruikbaar en staan onder regie van de burger. Regels zijn expliciet, transparant en uniform toepasbaar, los van organisaties of systemen. Wat resteert, is de consequente toepassing van regels op gegevens: niet het loket, maar het recht staat centraal.
Kies daarom in de NDS voor drie leidende principes: de gegevens zijn van de burger, de regels zijn van de overheid, en wie recht heeft, ontvangt. Dan versterken we het huis van Thorbecke voor het digitale tijdperk. Niet door het te veranderen, maar door het fundament zo te herontwerpen dat de burger daadwerkelijk centraal staat.
Tekst: Johan de Jong is expert Digitale overheid bij IT- en bedrijfsadviesbureau CGI Nederland.
Beeld: Jamillah Knowles & Digit / https://betterimagesofai.org / https://creativecommons.org/licenses/by/4.0/







